Protocol Sectie dode ESF dieren (artikel 8 van de overeenkomst opvang dieren) (Dutch Law)

Wat moet u doen als u een ESF DIER verzorgt en het dier komt te overlijden.

 

In principe dient de oorzaak van overlijden vastgesteld te worden door middel van sectie.

Van het overlijden van een ESF dier dient de verzorger zo snel mogelijk de stamboekhouder in te lichten! Dan wordt overwogen of sectie nodig is en kan worden uitgevoerd.

Om sectie te kunnen verrichten moet het dode dier uiteraard zo snel mogelijk na overlijden goed worden geconserveerd.

Het beste kunt u het dode dier "op ijs" bewaren. Indien de bewaartijd niet veel langer is dan 36 uur, is sectie goed mogelijk. In elk geval moet u het dier niet in de vriezer leggen, omdat sectie daarna vrijwel onmogelijk is .

De kosten van de sectie zijn voor een klein deel voor rekening van de verzorger.

In bijzondere gevallen neemt de ESF de kosten geheel voor haar rekening.

Waar wordt sectie verricht?

De ESF bepaalt waar de sectie moet worden verricht. Op dit moment zijn er in Nederland de volgende mogelijkheden aanwezig:

- Drs. Marian Mensink, Maarland 86, 3231 CL  Brielle, NL, tel.: 06-53760501 of 0181-414172

- Universiteit Utrecht, faculteit diergeneeskunde, NL

- NOIVBD, Gerry Dorrestein in Veldhoven, NL (zie site)

http://veldhoven.digicity.nl/Dieren/NOIVBD_Gerry_M._Dorrestein-848590371id.html

In beide gevallen kunt u dieren elf brengen dan wel via de dierenarts laten bezorgen.

Indien het dier zelf wordt aangeboden dient er wel een inzendformulier (anamnese) te worden ingevuld. De onderzoeksuitslag wordt in dergelijke gevallen direct aan u toegezonden. Indien u moeite heeft met de medische terminologie kunt u contact opnemen met drs. Job Stumpel (zie ESF site)

De totale kosten bedragen ca. 50 euro incl. BTW (2010)

Wettelijke voorschriften (CITES) bij overlijden categorie A- lijst diersoorten.

 Zoals bekend mag worden verondersteld mag een categorie A- lijst dier dat niet uniek gedentificeerd is ( gechipt), dood of levend, alleen worden verplaatst naar een ander locatie als daar middels een nieuw af te geven (transactie- specifiek) certificaat toestemming voor is gegeven door de Dienst Regelingen van het Min. LNV.

 Dit zou bij secties niet werken omdat de procedure van aanvraag en afgifte te lang duurt om nog zinvol een sectie te kunnen verrichten op het dode dier.

Daarom is in overleg met de teammanager van de Dienst Regelingen, CITES Bureau, voor de volgende pragmatische oplossing gekozen:

Bij overlijden van het dier waarop sectie moet worden verricht, meldt u het overlijden digitaal (via email) aan bij het CITES Bureau.Daarbij geeft u aan waar ( locatie) de sectie al worden uitgevoerd.

Na uitslag van de sectie zendt u het - inmiddels niet meer geldige - certificaat aan het CITES bureau onder verwijzing naar het bovenvermelde email bericht. Eventueel - dat staat u vrij - geeft u de doodsooraak op aan het CITES bureau.

Voor de volledigheid, deze procedure hoeft niet te worden gevolgd als het dode dier is gechipt en het chipnummer op het certificaat is vermeld. Wel dient u na sectie het certificaat altijd te retourneren aan het CITES Bureau met de vermelding dat dier is overleden en de datum van overlijden.

European Studbook Foundation

RAV/02/07/2008/0002

E-mail Print PDF
Last Updated on Thursday, February 19 2015